Hoofdlijnen bij de classificatie

Hoofdlijnen bij de classificatie

Per­soon­lijk­heids­stoor­nis­sen gaan gepaard met maladaptieve per­soon­lijk­heids­trek­ken.

Bij een per­soon­lijk­heids­stoor­nis moeten de maladaptieve trekken duurzaam en gedurende lange tijd aanwezig zijn (i.e., een vast onderdeel zijn van de persoonlijkheid) en pervasief in veel verschillende sociale situaties voorkomen; ze zijn niet episodisch.

Om van een per­soon­lijk­heids­stoor­nis te kunnen spreken, moet het duurzame en pervasieve patroon van maladaptieve ervaring en gedrag beperkingen in het functioneren veroorzaken.

Trekken van een per­soon­lijk­heids­stoor­nis kunnen worden herleid tot de ont­wik­ke­lings­fa­se naar de volwassen persoonlijkheid (de adolescentie of jongvolwassen leeftijd).

Een specifieke per­soon­lijk­heids­stoor­nis kan pas worden vastgesteld als eerst aan de algemene criteria voor een per­soon­lijk­heids­stoor­nis is voldaan.

Per­soon­lijk­heids­stoor­nis­sen kunnen worden verward met andere psychische stoornissen, mid­de­len­mis­bruik of somatische aandoeningen. Inzicht in het langdurig aanwezige karakter van de gedragspatronen is essentieel voor het toekennen van de juiste classificatie. Voor dit inzicht is het meestal nodig dat men de persoon al langer kent en/of beschikt over een zeer uitgebreide en volledige anamnese.

Deze site geniet auteursrechtelijke bescherming. Derhalve is afdrukken niet toegestaan.