Niet-pathologische toepassing van seksuele fantasieën, gedragingen of objecten
Leidt niet tot klinisch significante lijdensdruk of beperkingen, is meestal niet noodzakelijk om seksueel te kunnen functioneren, en er is alleen sprake van instemmende partners.
Seksueel gedrag voortvloeiend uit een verminderd oordeelsvermogen, verminderde sociale vaardigheden of een verminderde impulsbeheersing als gevolg van een andere psychische stoornis (bijvoorbeeld manische episode, uitgebreide of beperkte neurocognitieve stoornis, schizofrenie)
Behoort doorgaans niet tot het gewenste of drangmatige patroon van de betrokkene, treedt uitsluitend tijdens het beloop van de psychische stoornis op, heeft vaak een latere beginleeftijd, en gaat vergezeld van de karakteristieke kenmerken van de psychische stoornis (bijvoorbeeld verstandelijke beperking, wanen).
Heimelijk kijken naar anderen terwijl deze met privéactiviteiten bezig zijn bij de normoverschrijdend-gedragsstoornis of de antisociale-persoonlijkheidsstoornis (te onderscheiden van de voyeurismestoornis)
Heeft als kenmerk bijkomend normoverschrijdend of antisociaal gedrag. Het onderscheid met het antisociale gedrag bij de voyeurismestoornis is duidelijk door het ontbreken van de specifieke seksuele interesse in het heimelijk kijken naar nietsvermoedende personen die naakt of seksueel actief zijn.
Seksueel misbruik van kinderen bij de normoverschrijdend-gedragsstoornis of de antisociale-persoonlijkheidsstoornis (te onderscheiden van de pedofiliestoornis)
Heeft als kenmerk een patroon van een gebrek aan empathie en respect voor de rechten van anderen, waartoe ook seksueel misbruik van kinderen kan behoren. Het onderscheid met de pedofiliestoornis is duidelijk doordat bij de laatste een vast patroon bestaat van seksuele opwinding met betrekking tot kinderen.
Intoxicatie door een middel
Heeft als kenmerk ongeremd gedrag dat zou kunnen leiden tot het plegen van seksuele overtredingen (bijvoorbeeld gluren, tonen van de genitaliën, tegen een nietsvermoedend persoon aanwrijven). Het onderscheid met parafiele stoornissen is duidelijk door de afwezigheid van een aanhoudend patroon van seksuele interesse in het heimelijk kijken naar anderen, het tonen van de genitaliën of het tegen een nietsvermoedend persoon aanwrijven.
Bijwerkingen van medicatie (bijvoorbeeld een dopamineantagonist)
Heeft als kenmerk parafilieachtig seksueel gedrag dat optreedt als bijwerking van medicatie (vooral dopamineantagonisten die worden toegepast bij de behandeling van de ziekte van Parkinson) en die niet kenmerkend zijn voor het gebruikelijke seksuele gedrag van de betrokkene wanneer hij of zij geen medicatie slikt.
Obsessieve-compulsieve stoornis (te onderscheiden van de pedofiliestoornis)
Heeft als mogelijk kenmerk egodystone gedachten en zorgen over de mogelijkheid aangetrokken te zijn tot kinderen, naast andere egodystone, intrusieve seksuele gedachten (bijvoorbeeld zorgen over homoseksualiteit). Anders dan bij de pedofiliestoornis zijn er geen seksuele gedachten aan kinderen op momenten van grote seksuele opwinding (bijvoorbeeld dicht bij een orgasme tijdens masturberen).