Andere gespecificeerde depressieve-stem­mings­stoor­nis

Other specified depressive disorder

F38.8

Deze classificatie is van toepassing op klinische beelden waarbij symptomen die kenmerkend zijn voor een depressieve-stem­mings­stoor­nis klinisch significante lijdensdruk of beperkingen veroorzaken in het sociale of beroepsmatige functioneren of het functioneren op andere belangrijke terreinen, maar die niet volledig voldoen aan de criteria voor een van de stoornissen in de categorie de­pres­sie­ve­stem­mings­stoor­nis­sen, en die ook niet voldoen aan de criteria voor een aan­pas­sings­stoor­nis met een verlaagde stemming of met een gemengd angstige en verlaagde stemming. De classificatie ‘andere gespecificeerde depressieve-stem­mings­stoor­nis’ wordt gebruikt in situaties waarin de clinicus ervoor kiest om te noteren wat de specifieke reden is waarom het beeld niet voldoet aan de criteria voor een specifieke depressieve-stem­mings­stoor­nis. Dat wordt gedaan door ‘andere gespecificeerde depressieve-stem­mings­stoor­nis’ te registreren, gevolgd door de specifieke reden (bijvoorbeeld: ‘kortdurende depressieve episode’).

Voorbeelden van klinische manifestaties die met ‘andere gespecificeerde’ kunnen worden aangeduid, zijn:

1Periodieke kortdurende depressie De gelijktijdige aanwezigheid van een verlaagde stemming en minstens vier andere symptomen van een depressieve episode gedurende twee tot dertien dagen, minstens eenmaal per maand (niet samenhangend met de men­stru­a­tie­cy­clus) gedurende minstens twaalf ach­ter­een­vol­gen­de maanden, bij iemand van wie het klinische beeld nooit volledig heeft voldaan aan de criteria voor een van de andere depressieve- of bipolaire-stem­mings­stoor­nis­sen en die in de actuele situatie niet volledig aan de criteria voldoet voor een actieve psychotische stoornis of een resttype daarvan.

2Kortdurende depressieve episode (4–13 dagen) Een verlaagde stemming en minstens vier van de acht andere symptomen van een depressieve episode, gepaard gaand met klinisch significante lijdensdruk of beperkingen, die minstens vier maar minder dan veertien dagen persisteren, bij iemand van wie het klinische beeld nooit volledig heeft voldaan aan de criteria voor een andere depressieveof bipolaire-stem­mings­stoor­nis, die in de actuele situatie niet volledig voldoet aan de criteria voor een actieve psychotische stoornis of een resttype daarvan, noch aan de criteria voor een periodieke kortdurende depressie.

3Depressieve episode, met onvoldoende symptomen Een verlaagde stemming en minstens één van de overige acht symptomen van een depressieve episode, gepaard gaand met klinisch significante lijdensdruk of beperkingen, die minstens twee weken persisteren bij iemand van wie het klinische beeld nooit volledig heeft voldaan aan de criteria voor een andere depressieve- of bipolaire-stem­mings­stoor­nis, die in de actuele situatie niet volledig voldoet aan de criteria voor een actieve psychotische stoornis of een resttype daarvan, noch aan de criteria voor een gemengde stoornis met angst- en depressieve symptomen.

4Depressieve episode gesuperponeerd op schizofrenie, een schi­zo­fre­ni­for­me stoornis, een waanstoornis of een andere gespecificeerde of on­ge­spe­ci­fi­ceer­de schi­zo­fre­nies­pec­trum- of andere psychotische stoornis NB Bij een depressieve episode die deel uitmaakt van de schi­zo­af­fec­tie­ve stoornis is een aanvullende classificatie andere gespecificeerde depressieve-stem­mings­stoor­nis niet geëigend.

Deze site geniet auteursrechtelijke bescherming. Derhalve is afdrukken niet toegestaan.