Neu­ro­bi­o­lo­gi­sche ont­wik­ke­lings­stoor­nis­sen

Scree­nings­vra­gen voor de persoon in kwestie (of een verzorger): Heeft u in uw vroege kindertijd gedrags- of leerproblemen gehad? Had u, toen u voor het eerst naar school ging, door gedrags- of leerproblemen moeite in de omgang met uw klasgenoten of om het schoolwerk bij te benen?

Indien ja, vraag: Kunt u zich moeilijk concentreren of heeft u last van impulsiviteit of hyperactiviteit? Heeft u moeite in de omgang met anderen en vindt u het lastig om met anderen te praten? Vertoont u regelmatig gedrag waar anderen last van hebben en dat u moeilijk kunt beheersen? Kostte het u meer moeite dan klasgenoten om iets te leren?

► Als tekortkomingen in het intellectuele functioneren of de schoolse of stu­die­vaar­dig­he­den op de voorgrond staan, ga door naar de criteria voor de verstandelijke beperking (verstandelijke-ont­wik­ke­lings­stoor­nis).

► Als tekortkomingen in de sociale interactie of in het motorische functioneren op de voorgrond staan, ga door naar de criteria voor de au­tis­me­s­pec­trum­stoor­nis.

► Als onoplettendheid, hyperactiviteit of impulsiviteit op de voorgrond staan, ga door naar de criteria voor de aan­dachts­de­fi­ci­ën­tie-/hy­per­ac­ti­vi­teits­stoor­nis.

Deze site geniet auteursrechtelijke bescherming. Derhalve is afdrukken niet toegestaan.