Andere gespecificeerde parafiele stoornis
Other specified paraphilic disorder
F65.8
Deze classificatie is van toepassing op klinische beelden waarbij symptomen die kenmerkend zijn voor een parafiele stoornis klinisch significante lijdensdruk of beperkingen veroorzaken in het sociale of beroepsmatige functioneren of het functioneren op andere belangrijke terreinen, maar die niet volledig voldoen aan de criteria voor een van de stoornissen in de categorie parafiele stoornissen. De classificatie ‘andere gespecificeerde parafiele stoornis’ wordt gebruikt in situaties waarin de clinicus ervoor kiest om te noteren wat de specifieke reden is waarom het beeld niet voldoet aan de criteria voor een van de specifieke parafiele stoornissen. Dat wordt gedaan door de stoornis te registreren als ‘andere gespecificeerde parafiele stoornis’, gevolgd door de specifieke reden (bijvoorbeeld ‘zoöfilie’).
Voorbeelden van beelden die kunnen worden gespecificeerd door de aanduiding ‘andere gespecificeerde’ zijn recidiverende intense seksuele opwinding bij telefoonscatologie (obsceniteiten via de telefoon), necrofilie (lijken), zoöfilie (dieren), coprofilie (feces), klysmafilie (klysma’s) of urofilie (urine), gedurende minstens zes maanden en met als gevolg klinisch significante lijdensdruk of beperkingen in het sociale of beroepsmatige functioneren of het functioneren op andere belangrijke terreinen. Een andere gespecificeerde parafiele stoornis kan ook de specificaties ‘volledig in remissie’ of ‘in een gereguleerde omgeving’ krijgen.