Circadianeritme-slaap-waakstoornissen

Circadian rhythm sleep-wake disorders

F51.2

CLASSIFICATIECRITERIA

A Een persisterend of recidiverend patroon van ontregelde slaap dat primair het gevolg is van een verandering van het circadiane systeem of van onvoldoende synchronisatie tussen het endogene circadiane ritme en het slaap-waakritme dat de fysieke omgeving of een sociaal of beroepsmatig rooster van de betrokkene vereist.

De ontregeling van de slaap komt vooral door een verandering in het circadiane systeem of een mismatch tussen de eisen vanuit iemands omgeving, werk of sociale leven en zijn of haar interne circadiane slaap-waakcyclus. Deze mismatch leidt tot een ontregelde slaap, wat op zijn beurt leidt tot overmatige slaperigheid of insomnia, of beide, evenals lijdensdruk of beperkingen in het functioneren.

B De ontregeling van de slaap veroorzaakt excessieve slaperigheid of insomnia, of beide.

De ontregeling van de slaap komt vooral door een verandering in het circadiane systeem of een mismatch tussen de eisen vanuit iemands omgeving, werk of sociale leven en zijn of haar interne circadiane slaap-waakcyclus. Deze mismatch leidt tot een ontregelde slaap, wat op zijn beurt leidt tot overmatige slaperigheid of insomnia, of beide, evenals lijdensdruk of beperkingen in het functioneren.

C De slaapstoornis veroorzaakt klinisch significante lijdensdruk of beperkingen in het sociale of beroepsmatige functioneren of in het functioneren op andere belangrijke terreinen.

De ontregeling van de slaap komt vooral door een verandering in het circadiane systeem of een mismatch tussen de eisen vanuit iemands omgeving, werk of sociale leven en zijn of haar interne circadiane slaap-waakcyclus. Deze mismatch leidt tot een ontregelde slaap, wat op zijn beurt leidt tot overmatige slaperigheid of insomnia, of beide, evenals lijdensdruk of beperkingen in het functioneren.

Specificeer of:

► Type verlate slaapfase Een patroon van laat inslapen en laat wakker worden met een onvermogen om in te slapen en wakker te worden op een gewenst of sociaal geaccepteerd vroeger tijdstip.

Specificeer indien:

Familiair Een familieanamnese van een verlate slaapfase is aanwezig.

Specificeer indien:

Overlap met type niet-24-uurs slaap-waakritme Het type verlate slaapfase kan overlappen met een andere circadianeritme-slaap-waakstoornis, type niet-24-uurs slaap-waakritme.

► Type vervroegde slaapfase Een patroon van vroeg inslapen en vroeg wakker worden met een onvermogen om wakker te blijven of door te slapen tot de gewenste of sociaal geaccepteerde latere tijdstippen van inslapen en ontwaken.

Specificeer indien:

Familiair Een familieanamnese van een vervroegde slaapfase is aanwezig.

► Type onregelmatig slaap-waakritme Een tijdelijk ontregeld slaap-waakpatroon, in die mate dat de tijdstippen van de slaap- en waakperioden gedurende de 24-uursperiode variabel zijn.

► Type niet-24-uurs slaap-waakritme Een patroon van slaap-waakcycli dat niet is ge­syn­chro­ni­seerd met de 24-uursomgeving, met een consistente dagelijkse verschuiving (meestal naar steeds latere tijdstippen) van de tijdstippen van inslapen en ontwaken.

► Type ploegendienst Insomnia tijdens de belangrijkste slaapperiode en/of overmatige slaperigheid (inclusief onbedoelde slaap) tijdens de belangrijkste waakperiode in samenhang met een ploe­gen­dienst­sche­ma (dat is een schema met onconventionele werktijden).

► Type on­ge­spe­ci­fi­ceer­de circadianeritme-slaap-waakstoornissen

Tot de subtypen behoren het type verlate slaapfase; type vervroegde slaapfase; type onregelmatig slaap-waakritme; type niet-24-uurs slaap-waakritme; type ploegendienst; en een on­ge­spe­ci­fi­ceerd type. Bij het type verlate slaapfase kan verder worden gespecificeerd of de stoornis familiair voorkomt of dat er overlap is met het type niet-24-uurs slaap-waakritme.

De classificatie van het type verlate slaapfase is gebaseerd op een uitgestelde timing van de belangrijkste slaapperiode (van meestal meer dan twee uur) in verhouding tot de gewenste tijden van inslapen en ontwaken. De gevolgen hiervan zijn dat een betrokkene moeite heeft met ’s ochtends ontwaken, en last heeft van overmatige slaperigheid op het werk en slaapproblemen thuis.

De classificatie van het type vervroegde slaapfase is voornamelijk gebaseerd op een voor­ge­schie­de­nis van een vervroegde timing van de belangrijkste slaapperiode (van meestal meer dan twee uur) in verhouding tot de gewenste tijden van inslapen en ontwaken, met klachten van insomnia in de vroege ochtend en overmatige slaperigheid overdag. De reden voor het opnemen van dit type was gebaseerd op sterk empirisch bewijs dat bepaalde circadiane biomarkers, zoals melatonine en dalingen van de kerntemperatuur, bij deze betrokkenen twee tot vier uur eerder optreden dan normaal.

De classificatie van het type onregelmatig slaap-waakritme is voornamelijk gebaseerd op een voor­ge­schie­de­nis met klachten van nachtelijke insomnia (tijdens de gebruikelijke slaapperiode) en overmatige slaperigheid (dutten) gedurende de dag. Dit type wordt gekenmerkt door een gebrek aan een waarneembaar circadiaan slaap-waakritme. De betrokkene heeft geen belangrijkste slaapperiode, en zijn of haar slaap is gefragmenteerd in minstens drie perioden per dag. Bij mensen die verder gezond zijn kan de stoornis een gevolg zijn van een zeer slechte slaaphygiëne; het type onregelmatig slaap-waakritme hangt echter meestal samen met neurologische stoornissen, zoals een ont­wik­ke­lings­stoor­nis bij kinderen en dementie bij ouderen.

De classificatie van het type niet-24-uurs slaap-waakritme is voornamelijk gebaseerd op een voor­ge­schie­de­nis van klachten van insomnia en/of overmatige slaperigheid als gevolg van een instabiele entrainering van of synchronisatie tussen de timing van het endogene circadiane ritme en de 24-uurscyclus van licht en donker. Doorgaans melden betrokkenen perioden van insomnia, overmatige slaperigheid, of beide, afgewisseld met asymptomatische perioden. Beginnend in de asymptomatische periode, wanneer de slaapfase van de betrokkene is afgestemd op de externe omgeving, zal de slaaplatentie geleidelijk toenemen en begint de betrokkene te klagen over moeilijk in slaap kunnen vallen. Wanneer de aanvang van de slaapfase steeds verder opschuift, zodat de betrokkene uiteindelijk overdag aandrang krijgt om te gaan slapen, zal hij of zij moeite hebben om gedurende de dag wakker te blijven, en klagen over slaperigheid en de negatieve invloed daarvan op het affect, de cognitie en het functioneren. Omdat de circadiane periode niet is aangepast aan de externe 24-uursomgeving, zal het soort klachten dat iemand vertoont afhangen van op welk moment hij of zij probeert te gaan slapen in relatie tot de slaapdruk die gedicteerd wordt door het circadiane ritme.

De classificatie van het type ploegendienst is gebaseerd op een voor­ge­schie­de­nis van regelmatig gepland werk buiten de normale werktijden tussen 08:00 en 18:00 uur. Dit kan een overmatige slaperigheid op het werk en slaapproblemen thuis tot gevolg hebben.

Het DSM-IV-type jetlag is in de DSM-5 vervallen. Dit subtype werd verwijderd omdat het reizen van de ene tijdzone naar de andere meestal slechts voorbijgaande of kor­te­ter­mijn­be­per­kin­gen tot gevolg heeft, en de disfunctie in het slaap-waakritme een normale fysiologische reactie kan zijn in plaats van een pathologische reactie.

Specificeer indien:

Episodisch Symptomen houden minstens één maand aan, maar korter dan drie maanden.

Persisterend Symptomen houden drie maanden of langer aan.

Recidiverend Twee (of meer) episoden binnen het tijdsbestek van één jaar.

Tot de subtypen behoren het type verlate slaapfase; type vervroegde slaapfase; type onregelmatig slaap-waakritme; type niet-24-uurs slaap-waakritme; type ploegendienst; en een on­ge­spe­ci­fi­ceerd type. Bij het type verlate slaapfase kan verder worden gespecificeerd of de stoornis familiair voorkomt of dat er overlap is met het type niet-24-uurs slaap-waakritme.

De classificatie van het type verlate slaapfase is gebaseerd op een uitgestelde timing van de belangrijkste slaapperiode (van meestal meer dan twee uur) in verhouding tot de gewenste tijden van inslapen en ontwaken. De gevolgen hiervan zijn dat een betrokkene moeite heeft met ’s ochtends ontwaken, en last heeft van overmatige slaperigheid op het werk en slaapproblemen thuis.

De classificatie van het type vervroegde slaapfase is voornamelijk gebaseerd op een voor­ge­schie­de­nis van een vervroegde timing van de belangrijkste slaapperiode (van meestal meer dan twee uur) in verhouding tot de gewenste tijden van inslapen en ontwaken, met klachten van insomnia in de vroege ochtend en overmatige slaperigheid overdag. De reden voor het opnemen van dit type was gebaseerd op sterk empirisch bewijs dat bepaalde circadiane biomarkers, zoals melatonine en dalingen van de kerntemperatuur, bij deze betrokkenen twee tot vier uur eerder optreden dan normaal.

De classificatie van het type onregelmatig slaap-waakritme is voornamelijk gebaseerd op een voor­ge­schie­de­nis met klachten van nachtelijke insomnia (tijdens de gebruikelijke slaapperiode) en overmatige slaperigheid (dutten) gedurende de dag. Dit type wordt gekenmerkt door een gebrek aan een waarneembaar circadiaan slaap-waakritme. De betrokkene heeft geen belangrijkste slaapperiode, en zijn of haar slaap is gefragmenteerd in minstens drie perioden per dag. Bij mensen die verder gezond zijn kan de stoornis een gevolg zijn van een zeer slechte slaaphygiëne; het type onregelmatig slaap-waakritme hangt echter meestal samen met neurologische stoornissen, zoals een ont­wik­ke­lings­stoor­nis bij kinderen en dementie bij ouderen.

De classificatie van het type niet-24-uurs slaap-waakritme is voornamelijk gebaseerd op een voor­ge­schie­de­nis van klachten van insomnia en/of overmatige slaperigheid als gevolg van een instabiele entrainering van of synchronisatie tussen de timing van het endogene circadiane ritme en de 24-uurscyclus van licht en donker. Doorgaans melden betrokkenen perioden van insomnia, overmatige slaperigheid, of beide, afgewisseld met asymptomatische perioden. Beginnend in de asymptomatische periode, wanneer de slaapfase van de betrokkene is afgestemd op de externe omgeving, zal de slaaplatentie geleidelijk toenemen en begint de betrokkene te klagen over moeilijk in slaap kunnen vallen. Wanneer de aanvang van de slaapfase steeds verder opschuift, zodat de betrokkene uiteindelijk overdag aandrang krijgt om te gaan slapen, zal hij of zij moeite hebben om gedurende de dag wakker te blijven, en klagen over slaperigheid en de negatieve invloed daarvan op het affect, de cognitie en het functioneren. Omdat de circadiane periode niet is aangepast aan de externe 24-uursomgeving, zal het soort klachten dat iemand vertoont afhangen van op welk moment hij of zij probeert te gaan slapen in relatie tot de slaapdruk die gedicteerd wordt door het circadiane ritme.

De classificatie van het type ploegendienst is gebaseerd op een voor­ge­schie­de­nis van regelmatig gepland werk buiten de normale werktijden tussen 08:00 en 18:00 uur. Dit kan een overmatige slaperigheid op het werk en slaapproblemen thuis tot gevolg hebben.

Het DSM-IV-type jetlag is in de DSM-5 vervallen. Dit subtype werd verwijderd omdat het reizen van de ene tijdzone naar de andere meestal slechts voorbijgaande of kor­te­ter­mijn­be­per­kin­gen tot gevolg heeft, en de disfunctie in het slaap-waakritme een normale fysiologische reactie kan zijn in plaats van een pathologische reactie.

Deze site geniet auteursrechtelijke bescherming. Derhalve is afdrukken niet toegestaan.