Onder de groeicurves zakken
Eve K. Freidl, MD; Evelyn Attia, MD
Bespreking
Ursula is een 11-jarig meisje dat wordt gezien omdat ze weigert voldoende te eten en ze afbuigt op de groeicurve. Ze is bang om te moeten braken, wil niet eten in het openbaar en heeft zich steeds meer teruggetrokken van haar vriendinnetjes. Anders dan mensen met anorexia nervosa (AN) beschrijft patiënte geen vrees om aan te komen of dik te worden en ontkent ze de ernst van haar huidige lage lichaamsgewicht niet. De classificatie is dan ook vermijdende/restrictieve voedselinnamestoornis (VRVIS), een nieuwe classificatie in de DSM-5. VRVIS is een relatief brede classificatie die een groep mensen beschrijft die niet voldoen aan de criteria voor anorexia nervosa maar bij wie de vermijding van voedsel of de restrictieve inname daarvan wel leidt tot gezondheidsproblemen, psychosociaal disfunctioneren en/of significant gewichtsverlies. Bij kinderen zoals Ursula zou de verminderde voedselinname misschien eerder leiden tot een afvlakking op de groeicurve dan tot gewichtsverlies.
Terwijl mensen met AN een vrees hebben om aan te komen of dik te worden, is er bij VRVIS geen sprake van een verstoord lichaamsbeeld. Het is lastiger om het onderscheid tussen VRVIS en AN te maken als de betrokkene zegt niet te vrezen voor gewichtstoename, en in plaats daarvan andere verklaringen geeft voor zijn voedselrestrictie, zoals lichamelijke klachten (bijvoorbeeld maag-darmklachten, ‘vol zitten’, gebrek aan eetlust), religieuze motieven, een behoefte aan controle, of de wens om invloed uit te oefenen in het gezin. Om de juiste classificatie helder te krijgen kan het noodzakelijk zijn de betrokkene langduriger te volgen, en er zijn ook gevallen waarin mensen eerst VRVIS ontwikkelen en vervolgens AN.
De classificatie VRVIS zal waarschijnlijk vooral worden toegekend aan kinderen en adolescenten, maar de stoornis kan voorkomen bij mensen van alle leeftijden. Er zijn drie subtypen beschreven: algehele inadequate inname in aanwezigheid van een emotionele stoornis, waarbij het emotionele probleem de eetlust en het eten belemmert maar er geen specifiek motief voor de voedselvermijding kan worden aangewezen; restricties in de variëteit van voedsel dat wordt gegeten (ook wel ‘kieskeurig eten’ genoemd); en voedselvermijding als gevolg van een specifieke vrees, bijvoorbeeld vrees om te slikken (functionele dysfagie), vrees voor vergiftiging of vrees voor braken.
Ursula is bang om het huis uit te gaan en vermijdt vriendinnen en sociale ervaringen. Dit gedrag kan passen bij een specifieke fobie, aangezien patiënte vooral bang is om in het openbaar te moeten braken. Hoewel naast een eetstoornis wel een specifieke fobie kan voorkomen, is de classificatie VRVIS waarschijnlijk een spaarzamere verklaring. Zoals in de DSM-5 wordt geschetst, moet in aanwezigheid van symptomen die bij een andere classificatie passen, de classificatie VRVIS worden gekozen indien de ernst van de eetstoornis groter is dan normaal bij de andere aandoening wordt gezien en afzonderlijke aandacht rechtvaardigt.
In het geval van Ursula dient bij het onderzoek een aantal verschillende andere stoornissen te worden overwogen. Het kan daarbij gaan om anatomische belemmeringen of somatische aandoeningen die het eten bemoeilijken, de obsessieve-compulsieve stoornis, en depressieve-stemmingsstoornissen en angststoornissen die zij kan hebben ontwikkeld binnen de context van de echtscheiding van haar ouders en haar ontwikkeling richting de puberteit. Al deze stoornissen kunnen worden overwogen, al lijkt het gewichtsverlies van deze patiënte niet direct met een van die stoornissen samen te hangen.