Psychoses en cannabis

    Melissa Nau, MD; Heather Warm, MD

    Kees Fekkes, een 32-jarige man met een voor­ge­schie­de­nis met een bipolaire-stem­mings­stoor­nis, wordt door de politie binnengebracht bij de spoedeisende hulp (SEH) nadat zijn vrouw 112 heeft gebeld toen hij uit het raam van hun hotelkamer wilde springen.

    Ten tijde van deze episode zijn de heer Fekkes en zijn vrouw op vakantie, om hun vijfjarig huwelijk te vieren. Als blijvende herinnering aan het heugelijke feit besloten ze allebei een tatoeage te laten zetten. Na afloop gingen ze naar een coffeeshop, waar patiënt een joint kocht en oprookte. In het uur daarna begon hij de symbolen van de tatoeage allerlei mysterieuze betekenissen en krachten toe te dichten. Hij raakte ervan overtuigd dat de tatoeëerder samen met anderen een samenzwering tegen hem heeft gesmeed en dat zijn vrouw hem ontrouw is. Eenmaal weer in het hotel, doorzocht patiënt de telefoon van zijn vrouw op zoek naar bewijs voor haar ontrouw en dreigde uit het raam te springen. De vrouw van patiënt slaagde erin hem over te halen te gaan slapen, ervan uitgaande dat de episode daarna wel zou verdwijnen.

    De volgende dag blijkt patiënt echter nog steeds achterdochtig te zijn en wanen te hebben. Hij dreigt opnieuw uit het raam te springen en zegt dat hij geen keus heeft en zijn vrouw wel moet vermoorden, zodra ze gaat slapen. Zij belt 112, waarna haar man naar de SEH van een groot nabijgelegen ziekenhuis wordt gebracht. Later die dag krijgt hij de classificatie on­ge­spe­ci­fi­ceer­de psychotische stoornis toegekend en wordt hij opgenomen op een psychiatrische opnameafdeling.

    Vanaf de leeftijd van 18 jaar heeft patiënt sporadisch cannabis gerookt, maar vijf jaar voor deze opname was hij dagelijks gaan roken. Zowel de patiënt als zijn vrouw antwoordt ontkennend op de vraag of hij ooit andere drugs heeft gebruikt en de patiënt geeft aan dat hij vrijwel nooit alcohol drinkt. Tot een jaar geleden is hij nog nooit bij een psychiater geweest en zijn vrienden en familie hebben hem nooit beschouwd als iemand die significante psychiatrische problemen heeft.

    Het afgelopen jaar is de heer Fekkes echter vier keer opgenomen geweest wegens psychiatrische problemen. Tweemaal was dat vanwege klassieke manische symptomen en een keer vanwege een depressieve stoornis met suïcidaliteit. Daarnaast is hij zeven maanden geleden opgenomen geweest wegens een zes weken durende psychose door cannabis, die goed reageerde op risperidon. Zijn voornaamste symptoom in die tijd was achterdocht. Twee maanden vóór de huidige opname heeft hij een maand lang een klinisch afkickprogramma gevolgd voor een stoornis in cannabisgebruik. Vanaf zijn ontslag uit de afkickkliniek tot het weekend van zijn huidige opname, had hij geen cannabis, alcohol of andere middelen meer gebruikt. Hij heeft ook prima gefunctioneerd tijdens zijn drie maanden durende li­thi­um­mo­no­the­ra­pie.

    Sinds zijn afstuderen heeft de heer Fekkes onafgebroken als filmeditor gewerkt. Zijn vader had een bipolaire-stem­mings­stoor­nis en de vader van zijn vader heeft suïcide gepleegd, maar had een onbekende diagnose.

    Op de tweede dag van zijn opname begint patiënt te beseffen dat zijn vrouw hem niet ontrouw is en dat de symbolen in zijn tatoeage geen extra betekenis hebben. Op de derde dag zegt hij spontaan dat de achterdocht het gevolg is geweest van zijn can­na­bisin­toxi­ca­tie. Hij wil stoppen met risperidon, maar blijft wel zijn li­thi­um­mo­no­the­ra­pie vervolgen. Hij wordt ontslagen nadat een follow-upafspraak bij zijn poliklinische psychiater is gemaakt.

    Deze site geniet auteursrechtelijke bescherming. Derhalve is afdrukken niet toegestaan.