Gevoel van kriebel en krioelende beestjes

    Kathy P. Parker, PhD, RN

    Bespreking

    De heer Meng wordt gezien met depressiviteit, vermoeidheid, een kriebelig gevoel van ‘wormen die onder zijn huid krioelen’ en een intense bewegingsdrang. Clinici die hem eerder hebben onderzocht hebben niet kunnen vaststellen of zijn opnames voor een ‘psychotisch-depressieve stoornis’ met deze lichamelijke sensaties te maken hadden. Die sensaties zijn in de loop der jaren op verschillende manieren geïnterpreteerd: als acathisie of perifere neuropathie, als ‘psy­cho­so­ma­ti­sche’ symptomen of symptomen van ‘psychotisch rumineren’.

    Het meest waarschijnlijk is het dat patiënt niet die hiervoor genoemde classificaties heeft, maar het rus­te­lo­ze­be­nen­syn­droom (RBS). RBS, in de DSM-5 voor het eerst een op­zich­zelf­staan­de classificatie, wordt gekenmerkt door een drang om met de benen te bewegen, die gewoonlijk met onaangename sensaties gepaard gaat. De symptomen van de heer Meng zijn kenmerkend. Zijn klachten nemen af door te bewegen en zijn het ergst in situaties waarin hij niet vrij kan bewegen (zoals tijdens de dialyse) of ’s avonds. De symptomen treden frequent op, zijn chronisch en veroorzaken lijdensdruk.

    RBS is een probleem dat opvallend veel voorkomt bij mensen met terminale ni­er­in­suf­fi­ci­ën­tie die dialyse ondergaan. De aandoening gaat meestal, maar niet altijd, gepaard met periodieke bewegingen van de ledematen: stereotiepe bewegingen waarbij de grote teen wordt gestrekt en de enkel, knie en soms de heup gedeeltelijk worden gebogen. De slaperigheid overdag van patiënt kan ermee te maken hebben dat hij door zijn klachten later in slaap valt, maar kan ook worden veroorzaakt door een verminderde kwaliteit van zijn slaap; beide problemen komen voor bij RBS. Terminale ni­er­in­suf­fi­ci­ën­tie en dialyse zijn op zichzelf adequate verklaringen voor RBS (dat ook vaak zonder duidelijke verklaring voorkomt), maar daarnaast moet ook worden gekeken naar andere bijdragende factoren, zoals anemie, fo­li­um­zuur­de­fi­ci­ën­tie en uremie. En hoewel natuurlijk niet van toepassing op de heer Meng, treedt RBS ook op bij zwangerschap.

    Hoe het komt dat RBS zo laat is herkend bij patiënt is niet duidelijk, en dit is des te vreemder omdat RBS op dia­ly­seaf­de­lin­gen zo vaak wordt gezien. Mogelijk heeft het behandelteam door de voor­ge­schie­de­nis van psychotisch-depressieve stoornissen aangenomen dat zijn klachten een psychische oorzaak hadden. Die aanname kan ertoe hebben geleid dat de klachten het label ‘psychosomatisch’ kregen, wat impliceert dat de lichamelijke symptomen van de heer Meng aan een psychische stoornis of psychisch conflict toe te schrijven zouden zijn. Dit betekent niet alleen dat de klachten van patiënt verkeerd zijn ingeschat, maar ook dat de term psychosomatisch verkeerd is gebruikt; die term kan namelijk beter worden opgevat als de tak van de psychiatrie die zich bezighoudt met de comorbiditeit tussen psychische en somatische ziekten. Als de term op die manier wordt gebruikt, heeft het geen enkele betekenis om een klacht ‘psychosomatisch’ te noemen. Dat ook acathisie werd overwogen is iets begrijpelijker, aangezien patiënt in elk geval een deel van de periode waarin hij de symptomen al had, an­ti­psy­cho­ti­sche medicatie slikte. Echter, de nieuwere an­ti­psy­cho­ti­sche middelen (dat wil zeggen de atypische antipsychotica) leiden zelden tot acathisie, en de symptomen van de heer Meng zijn twee jaar nadat hij met alle psychiatrische medicatie is gestopt nog steeds niet verdwenen. Perifere neuropathie veroorzaakt over het algemeen pijn, een branderig gevoel en gevoelloosheid in de tenen en vingers, geen goede beschrijving van de klachten van deze patiënt.

    Misschien nog wel het zorgwekkendst zijn de notities in het dossier van de heer Meng dat de rusteloze benen een uiting zouden zijn van ‘psychotisch rumineren’. Wellicht hebben com­mu­ni­ca­tie­pro­ble­men tot dit misverstand geleid, maar het valt niet uit te sluiten dat de twee psychiatrische opnames vanwege een ‘psychotisch-depressieve stoornis’ in werkelijkheid het gevolg zijn van de somatische preoccupaties, de angst en de somberheid die werden veroorzaakt door een niet herkend geval van RBS — een stoornis die weliswaar nieuw is als classificatie in de DSM-5, maar waarvan al heel lang bekend is dat zij veel ongemak veroorzaakt en vaak comorbide met een aantal verschillende somatische aandoeningen optreedt.

    Deze site geniet auteursrechtelijke bescherming. Derhalve is afdrukken niet toegestaan.