Bespreking
Zeno vertoont een beeld van driftbuien, die moeder niet zo van hem kent, heeft lichamelijke klachten, en weigert hardnekkig om bij zijn tante te gaan logeren. Tegen het eind van het intakegesprek is de reden tot zorg veranderd en gaat het meer om de enuresis van Zeno, een stoornis die op zichzelf over het algemeen onschuldig is, maar die wel veel psychosociaal leed en gedragsveranderingen kan veroorzaken.
Voor de DSM-5-classificatie enuresis is het niet noodzakelijk dat de clinicus vaststelt hoe het zit met het motief (het urineren kan vrijwillig of onvrijwillig gebeuren). Het gedrag moet klinisch significant zijn doordat het vaak genoeg optreedt (bijvoorbeeld twee keer per week gedurende drie maanden) of door de uitwerking ervan (bijvoorbeeld lijdensdruk of veranderingen in het functioneren). Enuresis kan op elke leeftijd ontstaan, al bestaat er voor de classificatie een minimumleeftijd van 5 jaar. Voor patiënten met een ontwikkelingsstoornis geldt die leeftijdsbeperking voor hun ontwikkelingsleeftijd, in plaats van hun kalenderleeftijd. Verder moet de stoornis niet door een middel of medicatie worden veroorzaakt.
De classificatie enuresis bestaat voorts uit een aantal subtypen. Aangezien de enuresis van Zeno alleen ’s nachts lijkt voor te komen, moet deze worden gespecificeerd als ‘alleen ’s nachts’. Hij is nog nooit zes maanden achtereen ’s nachts droog geweest, dus zijn enuresis wordt als primair beschouwd. Primaire nachtelijke enuresis komt veel voor bij kinderen van 5–10 jaar, en vooral bij jongens. Hoewel de moeder van Zeno niet weet op welke leeftijd Zeno’s vader ’s nachts zindelijk is geworden, is enuresis een aandoening die vaak in families voorkomt, en zijn er genetische factoren gevonden die eraan bijdragen. Secundaire enuresis, waarbij de onzindelijkheid terugkomt nadat het kind eerder al zes maanden droog is geweest, vereist zorgvuldig onderzoek van veel somatische oorzaken, zoals diabetes, epilepsie, obstructieve slaapapneu, een neurogene blaas, obstipatie, en obstructie van de urethra. In zeldzame gevallen kunnen deze aandoeningen ook verantwoordelijk zijn voor primaire enuresis, dus dienen deze in samenwerking met de kinderarts ook bij Zeno te worden uitgesloten.
Of iemand met nachtelijke enuresis lijdt aan de aandoening hangt meestal af van de reacties van anderen op het bedplassen; voor de classificatie is het echter niet vereist dat de betrokkene eronder lijdt. Zeno begon zich pas te schamen toen zijn neefje en de vriend van zijn tante hem hadden geplaagd met het bedplassen. Aangezien zijn ontwikkeling verder normaal is verlopen, is er bij Zeno hoogstwaarschijnlijk sprake van enuresis zonder een andere psychiatrische stoornis.
Toch komt enuresis vaak comorbide voor met andere emotionele en gedragsstoornissen van de kindertijd, en ook Zeno kan worden onderzocht op diverse specifieke psychische stoornissen. De angst en de somatische klachten van Zeno zijn ontstaan binnen de context van een scheiding van de primaire verzorger. Dat gegeven moet aanleiding zijn tot onderzoeken of er sprake is van een angststoornis als separatieangst. Echter, Zeno heeft in andere situaties, zoals op school en tijdens het psychiatrische onderzoek, geen moeite met scheiding van zijn moeder, zodat separatieangst een onwaarschijnlijke verklaring is voor zijn symptomen.
Zeno bezoekt de psychiater op initiatief van zijn moeder, voor onderzoek van zijn opstandige gedrag, somatische klachten en driftbuien. Stoornissen in gedrag, stemming of impulsbeheersing kunnen alle worden overwogen — zoals de oppositionele-opstandige stoornis, de normoverschrijdend-gedragsstoornis en de disruptieve stemmingsdisregulatiestoornis. De symptomen van Zeno duren echter nog maar twee maanden, en afgezien van deze symptomen gaat het goed met hem. Aangezien de veranderingen zich afspelen binnen een specifieke context naar aanleiding van een begrijpelijke trigger, is het onwaarschijnlijk dat een van de hiervoor genoemde classificaties op Zeno van toepassing is.
Op zichzelf is het niet zo vreemd dat de moeder van Zeno zich zorgen maakt dat die specifieke trigger iets met misbruik te maken heeft. Hoewel Zeno het op de vrijdagavonden duidelijk moeilijk heeft, ligt misbruik echter toch niet voor de hand, aangezien het verder goed gaat met Zeno en hij in andere situaties geen moeite heeft met de omgang met zijn tante, neefje en de vriend van zijn tante. Dat er iets is gebeurd heeft zijn moeder wel goed gezien: hij is geplaagd door zijn neefje en de vriend van zijn tante, twee mensen die hij juist erg vertrouwt, zodat hun woorden voor deze 8-jarige jongen waarschijnlijk als extra psychotraumatisch zijn ervaren.*