Genderdysforie

De classificatie genderdysforie is van toepassing wanneer iemand het sterke gevoel of de diepe overtuiging heeft dat hij of zij lid is van een ander dan het bij de geboorte toegewezen gender. Als gevolg hiervan moet de betrokkene al minstens zes maanden last hebben van enkele of meerdere van de volgende klachten: lijden, angst, spanning, stem­mings­stoor­nis­sen, veranderingen in de gezinsdynamiek, en problemen op school, het werk of in sociale situaties in het algemeen. Deze mensen voelen de subjectieve zekerheid dat er iets is misgegaan met hun biologische ontwikkeling, waardoor ze zijn geboren in een lichaam dat niet past bij het gender waartoe ze stellig weten te behoren. Deze moeilijke situatie veroorzaakt bij hen een intens verlangen om ‘te repareren wat fout zit’ — en dus bij kinderen om te spelen met, zich te kleden als en op te trekken met kinderen van het gewenste gender; bij adolescenten om zich te ontdoen van alle waarneembare eigenschappen die hen voor zichzelf en anderen herkenbaar maken als iemand van het geboortegender — en vooral de ‘niet-passende’ geslachtsdelen — en om later, als volwassene, te leven en werken, sociale omgang en intieme relaties te hebben en hun le­vens­ver­vul­ling te vinden in het leven als lid van het gewenste gender.

Op enig moment tijdens het ontstaan ervan zal het trans­gen­der­be­wust­zijn, dat niet als een waan wordt beschouwd, met obstakels worden geconfronteerd. Tijdens de kinderjaren is dat in de vorm van het verzet dat de van nature gekozen keuzes in spel, vriendschappen en kleding ontmoeten. Voorbeelden van die obstakels op latere leeftijd, tijdens de adolescentie en volwassenheid, zijn de noodzakelijke her­de­fi­ni­ë­rin­gen van het zelfbeeld, de lichaamsbouw en de structuren in het gezin en met leef­tijds­ge­no­ten; het overwinnen van het gevoel niet te hebben voldaan aan maat­schap­pe­lij­ke verwachtingen; het creëren van een goed werkend masker om te kunnen overleven; en omgaan met financiële tegenvallers — allemaal noodzakelijke offers die het met zich meebrengt om een gevoel van heelheid te kunnen bereiken. Als gevolg daarvan gaat het trans­gen­der­be­wust­zijn altijd samen met onvermijdelijke symptomen van genderdysforie.

Bovendien stelt genderdysforie ouders, gezin, vrienden en kennissen, tijdens het proces van een houding proberen te vinden jegens de transgender, voor grote opgaven. Ook zij zullen een soort afgeleide ‘genderdysforie’ ondervinden, hun reactie op het meemaken van dit paradoxale beeld van hun dierbare, of die nu het gevolg is van empathie, medeleven, medelijden, of van verzet, angst, afwijzing, verwarring, geweld, onwetendheid of de verwachte financiële onzekerheid.

Deze site geniet auteursrechtelijke bescherming. Derhalve is afdrukken niet toegestaan.