Diagnose | Criteria/tijd | Symptomen |
| |
| Neurobiologische ontwikkelingsstoornissen |
|---|
Autismespectrumstoornis | Alle drie gestart in de vroege kindertijd EN ≥ 2 | Deficiënties in de sociaal-emotionele wederkerigheid; deficiënties in de non-verbale communicatie; deficiënties in het aangaan en in stand houden van relaties Stereotiepe of repetitieve spraak, motoriek, of gebruik van voorwerpen; overmatig hechten aan vaste gewoonten of excessieve weerstand tegen verandering; zeer beperkte, gefixeerde interesses met abnormale intensiteit of focus; hyper- of hyporeactiviteit op zintuiglijke prikkels
|
Aandachtsdeficiëntie-/hyperactiviteitsstoornis | ≥ 6 gedurende ≥ 6 maanden EN /OF
≥ 6 gedurende ≥ 6 maanden
| Onoplettendheid: maakt fouten door onachtzaamheid; kan de aandacht niet lang richten; lijkt niet te luisteren; volgt aanwijzingen niet op; heeft moeite met het organiseren van taken; afkerig van geestelijke inspanning; raakt dingen kwijt die nodig zijn voor taken; snel afgeleid; vergeetachtig Hyperactiviteit/impulsiviteit: beweeglijk; opstaan van stoel; rondrennen of klimmen; niet in staat rustig te blijven; in de weer; praat excessief veel; gooit antwoorden eruit; kan niet op beurt wachten; onderbreekt; handelt zonder eerst na te denken |
| |
| Schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen |
|---|
Schizofrenie | ≥ 2 gedurende ≥ 1 maand EN ≥ 6 maanden
| Wanen; hallucinaties; gedesorganiseerd spreken; ernstig gedesorganiseerd of katatoon gedrag; negatieve symptomen (minimaal één van de eerstgenoemde drie moet aanwezig zijn) Aanhoudende symptomen
|
Schizoaffectieve stoornis | ≥ 50% van de tijd EN ≥ 2 weken | Criteria voor schizofrenie Tevens depressieve of manische episoden Wanen of hallucinaties zonder een depressieve of manische episode |
| |
| Bipolaire-stemmingsstoornissen |
Bipolaire-I-stoornis | ≥ 3 gedurende ≥ 1 week (of willekeurige duur bij hospitalisatie) | Manie: opgeblazen gevoel van eigenwaarde, of grandiositeit; verminderde slaapbehoefte; spreekdrang; gedachtevlucht; verhoogde afleidbaarheid; toename van doelgerichte activiteit; risicovol gedrag |
Bipolaire-II-stoornis | ≥ 3 gedurende ≥ 4 | Hypomanie: opgeblazen gevoel van eigenwaarde, of grandiositeit; verminderde slaapbehoefte; spreekdrang; gedachtevlucht; verhoogde afleidbaarheid; toename van doelgerichte activiteit; risicovol gedrag zonder psychose of hospitalisatie |
| |
| Depressieve-stemmingsstoornissen |
Depressieve stoornis | ≥ 1 gedurende ≥ 2 weken EN ≥ 4 gedurende ≥ 2 weken | Sombere stemming ; verminderd(e) interesse of plezier in activiteiten (anhedonie) Gewichtsverlies of afgenomen eetlust; insomnia/hypersomnia; agitatie/vertraging; vermoeidheid/energieverlies; buitensporig schuldgevoel; verminderd concentratievermogen; gedachten aan de dood of aan suïcide |
| |
| Angststoornissen |
Paniekstoornis | ≥ 4 EN ≥ 1 maand | Hartkloppingen; transpireren; trillen; ademnood; gevoel naar adem te snakken; pijn op de borst; misselijkheid; duizeligheid; koude rillingen; paresthesieën; derealisatie; vrees om gek te worden; vrees om dood te gaan Persisterend(e) bezig zijn met of bezorgdheid over nieuwe paniekaanvallen OF Maladaptieve gedragsverandering in samenhang met de aanvallen |
Gegeneraliseerde-angststoornis | ≥ 3 gedurende ≥ 6 maanden | Rusteloosheid; snel vermoeid raken; moeite met zich concentreren; prikkelbaarheid; spierspanning; slaapstoornis |
| |
| Obsessieve-compulsieve en verwante stoornissen |
Obsessieve-compulsieve stoornis (dwangstoornis) | ≥ 1 uur/dag | Obsessies: recidiverende en persisterende gedachten, impulsen of voorstellingen die de persoon probeert te negeren of te onderdrukken door compulsieve handelingen EN/OF Compulsies: repetitieve handelingen of psychische activiteiten om de spanning te verminderen |
| |
| Psychotrauma- en stressorgerelateerde stoornissen |
Posttraumatische-stressstoornis | ≥ 1 gedurende ≥ 1 maand EN ≥ 1 gedurende ≥ 1 maand ≥ 2 gedurende ≥ 1 maand EN ≥ 2 gedurende ≥ 1 maand | Blootstelling aan psychotrauma Intrusieve symptomen: herinneringen; dromen; flashbacks; spanning bij blootstelling; fysiologische reacties Vermijding van interne prikkels en externe prikkels die herinneren aan het psychotrauma Negatieve symptomen: niet volledig herinneren van het psychotrauma; negatief zelfbeeld; pathologische (zelf)beschuldiging; negatieve emoties; verminderde participatie; vervreemding; emotionele verdoofdheid Arousal: prikkelbaarheid of agressie; roekeloosheid; hypervigilantie; buitensporige schrikreacties; concentratieproblemen; slaapproblemen |
| |
| Neurocognitieve stoornissen |
Delirium | Acuut | Stoornis in het bewustzijn; acute verandering t.o.v. uitgangssituatie, meestal met fluctuerende ernst; cognitieve verandering |
Uitgebreide neurocognitieve stoornis | Geleidelijk | Significante cognitieve achteruitgang, ≥ 2 SD lager dan normaal, die het onafhankelijk functioneren belemmert |
Beperkte neurocognitieve stoornis | Geleidelijk | Lichte cognitieve achteruitgang, 1–2 SD lager dan normaal, die het onafhankelijk functioneren niet belemmert (maar wel een grotere inspanning, compenserende strategieën of aanpassingen kan vereisen) |